
Hoi iedereen!
Dit is onze laatste update op deze weblog want na iets meer dan zes maanden is het nu tijd geworden om huiswaarts te keren en te gaan genieten van ons eigen bed, hagelslag, kaas en Nederlandse boterhammen!
We hebben zin om naar huis te komen en iedereen thuis weer te zien!
Maar niet voordat we onze laatste reisweken op papier hebben gezet.
Na afscheid te hebben genomen van het vaste land van Zuid-Amerika hebben we een paar dagen doorgebracht op het Colombiaanse Caribische eiland San Andres. Lekker genoten van het strand maar naar ons zin had San Andres een iets te hoog Bahama´s gehalte in de zin van veel toeristen waardoor de autenticiteit van het eiland en de bountystrandjes soms ver te zoeken was...Maar, de zee was er niet minder blauw om en waar wij verbleven was het gelukkig wat rustiger.
Na San Andres zijn we doorgevlogen naar Panama city, waar we natuurlijk het Panama kanaal hebben bezocht. Indrukwekkend om te zien hoe dat allemaal werkt daar en er kwam net een grote Rotterdamse tanker door het kanaal. Ook hebben we in Panama city de enorme malls onveilig gemaakt want tjee, wat kun je shoppn in Panama city! Heerlijk, wat nieuwe kleding want we lopen al wekenlang in vodden. Van onze kleren is niet veel meer over namelijk.
Eerst zijn we in El Valle de Anton en Boquete geweest. Twee dorpjes in de bergen van Panama. Hier genoten van thermale baden, veel vlinders, watervallen, tropische kikkers en jungle maar helaas niet zo´n best weertje. Daarna zijn we verder gereist naar Bocas del Toro waar we de laaste week onze beentjes hebben gestrekt om uit te rusten van een lange maar schitterende reis!
Bocas del Toro is een echt Caribisch snoepje! Dit eilandengroepje is nog een echt backpackerparadijsje dus nog niet zo overspoeld met toerisme als San Andres. We hebben een appartementje gehuurd wat midden in een rustige woonwijk stond waardoor we ons waanden in het echte Caribbische leven. Een eeuwige zachte Reggaebeat, spelende kinderen in de straat en een tuin vol kolibri´s. Fantastisch waren de fietsen die we erbij kregen (tja, gerund door een Nederlandse) waardoor we op ons fietsje het hele eiland over trapten om de mooie strandjes te ontdekken of om lekker op de fiets boodschapjes te doen. Tja, het leven is mooi op Bocas del Toro...... Maar aan alles komt een eind, dus ook aan onze reis....gemengde gevoelens.......
In zes maanden reisden we de hele Andes af van zuid naar noord en maakten we enorm veel mee. Vele duizenden kilometers legden we af in ontelbare bussen, auto-, motor of fietstaxis, vliegtuigjes of te voet in een van de loodzware trekkings door de bergen. Soms op de meeste achterlijke tijdstippen van de dag en de nacht.
We zagen bergen, veel bergen maar ook prairies, sneeuw, strand, jungle, hoogvlaktes, vulkanen, zeeen en meren in allerlei mogelijke kleuren, veel cultuur, dieren en nog zo veel meer. We ontmoeten vrolijke, mooie, vriendelijke en geinteresseerde mensen maar ook verdrietige, chagerijnige, boze, irritante en ongeinteresseerde mensen.
We maakten het mee van alles bestolen te worden. Bijna alles wat we meenamen van huis was weg en dat was even slikken..
Maar wat was deze reis fantastisch, dit neemt niemand ons meer af!!
We willen iedereen erg bedanken voor jullie interesse en medeleven in onze trip.
De lieve en bemoedigende berichtjes wanneer we dit soms erg nodig hadden, de updates van het thuisfront en gewoon het feit dat mensen reagereerden op onze verhalen was erg leuk.
Vanavond stappen we op het vliegtuig en maandagavond om 18:30u zetten we weer voet op Nederlandse bodem. Raar idee!
Hasta luego en Holanda!!
Dikke kus,
Maarten & Janneke
Hoi iedereen,
Het risico wat je in Colombia loopt, is dat je er wil blijven. Dit is de slogan van het Colombiaans verkeersbureau waarmee Colombia probeert zichzelf weer op de toeristische kaart te zetten.
En wij zijn het grondig met deze slogan eens!!
De afgelopen maand hebben wij door dit fantastisch bruisende land gereisd en het is de afgelopen weken uitgegroeid tot onze absolute lieveling. Colombia is bij het grote publiek bekend door de Farc en cocaineproductie, maar dit land is natuurlijk veel meer. Het klinkt cliché, maar het zijn vooral de mensen die dit land zo fantastisch maken. Ze zijn blij en dankbaar dat je Colombia bezoekt en we zijn al meerdere keren uitgebreid op straat bedankt, door zowel rijk als arm, dat we hier zijn. Hoe meer welkom kun je je voelen in een land!
Colombia is veilig. Natuurlijk zijn er gebieden waar je beter niet komt maar dat heeft bijna ieder land in Azie en Zuid-Amerika.
Colombia is modern en ontwikkeld maar ook pittoresk en autenthiek. We hebben dan ook vele prachtig onderhouden koloniale stadjes en dorpjes bezocht de afgelopen weken met de meest schattige straatjes met daarin typische dagelijkse tafereeltjes.
Vanuit Ecuador zijn we gestart in het prachtige Popayan, ook wel de witte koloniale stad van Colombia. Vanuit hier zijn we naar de zona cafetera gereisd, het kloppende hart van de koffieproductie in Colombia. Want ja, dat bakkie wat jullie elke ochtend zetten komt waarschijnlijk hier vandaan. Colombia heeft de beste koffie ter wereld en exporteert zijn beste koffiebonen o.a. veelal naar Europa. Toch jammer dat wij allebei geen koffie drinken....Natuurlijk hebben we wel een biologische koffieplantage bezocht en tintootje geproefd (met veel suiker).
In de zona cafetera verbleven we in het dorpje Salento waar we erg genoten van de kneuterigheid van een Colombiaans dorpje waar de mannen paraderen op hun paarden door de kleurrijke straatjes met hun strooien cowbowhoeden op en waar je voor 3 euro elke avond een heerlijk setdiner eet. Kinderen voetbalden hier eeuwig op straat onder de houten met geraniums gevulde balkonnetjes.
Vanuit hier hebben we een dag door de Valle de Cocora gewandeld. De omgeving van Salento is adembenemend mooi en groen en in Valle de Cocora liepen we door een schitterende groene vallei bezaaid met waxpalmen, de immens hoge nationale boom van Colombia.
Na Salento was het tijd voor Bogotá, de hoofdstad van Colombia. Hier ook weer geslenterd door het oude centrum. De stad is mooi maar niet heel bijzonder. Het goudmuseum vonden wel wel top. Tjee, wat hebben die Spanjaarden toch goud geroofd een paar eeuwen geleden op dit continent en waar is dit toch allemaal gebleven....
Na Bogotá ging de reis verder naar Villa de Leyva, een volgende koloniaal dorp wat wij tot nu toe de mooiste van Zuid-Amerika vinden. Ook hier weer een paar dagen heerlijk geslenterd, gegeten en gedronken in de vele leuke restaurantjes. Hier zagen we Nederland Brazilie inmaken.
Colombia kent ook veel avontuur en dat wilden we natuurlijk ook meemaken dus zijn na Villa de Leyva naar het plaatsje San Gil gegaan waar we zijn gaan Paragliden (je kent het wel, de berg afrennen met een soort parachute en zweven in de lucht.)
Fantastisch natuurlijk, boven een canyon één met de vogels! Maarten kreeg echt waar voor zijn geld en heeft een uur lang door de lucht gezweefd. Janneke kreeg 40 minuten op de thermiek, wat genoeg was want haar maagje had moeite met het gezweef.....
Vanuit San Gil hebben ook een dagtripje naar Barichara gedaan. En ja, weer zo´n prachtig koloniaal durp. Het wordt wat eentonig maar ook dit was weer prachtig.
Na San Gil hebben we de laatste Andestoppen gedag gezegd en de nachtbus naar de Caribische kust gepakt. Tayrona was onze eerste stop. Een nationaal park met adembenemende stranden grenzend aan de jungle. De hitte en muggen speelden ons echter wel parten want we sliepen in een tent maar het strand en de heerlijke zee maakte alles goed en verzachtten onze dikke bulten.
Na Tayrona was het tijd voor de WK-finale dus hebben we een paar nachten in hostel Casa Holanda in backpackerskustoord Taganga geslapen om een plekje vooraan bij het grote scherm te hebben. Helaas voor casa Holanda regende het aan het begin van de wedstrijd waardoor de kabeltv erg stoorde. Ook verwoede pogingen om via internet te kijken vielen bijna letterlijk in het water en dus stroomde het terras van Casa Holanda binnen een paar minuten leeg en renden er een groepje oranje supporters door de natte straten van Taganga op zoek naar een tv. En die was snel gevonden in de volgende plaatselijke buurtkroeg. De eigenaar had de omzet van zijn leven. Helaas mocht dit alles niet baten.... De pret was er echter niet minder om.
Afgelopen maandag hadden we Taganga wel weer gezien en hebben we een bus gepakt naar de stad Cartagena de Indias. Een stad was we lange tijd naar uitkeken.
Cartagena is een prachtige, historisch Caribische kuststad met een oud koloniaal centrum zoals je die hoopt te vinden in steden zoals Havana. De stad bruist, swingt, is kleurrijk en zo mooi onderhouden, de elegantie druipt er vanaf. Het is alsof je constant in een filmdecor loopt hier. Ons fototoestel draait overuren. De afgelopen dagen bestonden dus ook uit slenteren door de oude binnenstad, verse koude sapjes drinken gemaakt van de meest vreemde vruchtensoorten (zoals lulo..), foto´s schieten en daarna afkoelen in de jaccuzi op het dak van ons (lege) hostel. Niet verkeerd dus.
Aanstaande vrijdag nemen wij afscheid van Zuid-Amerika en gaan een paar dagen uitrusten op het Caribische eiland San Andrés.
De tijd dringt, onze reis heeft nog maar 3 weken en een paar dagen te gaan.
Na San Andrés beginnen we aan het laatste staartje van onze reis namelijk Panama.
Het grote genieten zetten we dus nog heel even voort!
Colombia, we sluiten je in ons hart. We gaan dit land zo missen.
Liefs Maarten en Janneke
Dat is in een notendop wat we de afgelopen weken hebben gezien.
Nadat we, na een monsterlange busrit, in Lima waren aangekomen vanuit La Paz, Bolivia hebben we allereerst eens even een lekker Mac Donaldsmenu naar binnen gewerkt. Wat kan een mens toch genieten van een beetje Westerse luxe.
Lima vonden we een erg leuke stad, en we hebben lekker een beetje rondgeslenterd door het oude centrum en de wijk Miraflores. (Señor van der Sloet, zoals ze in Peru zeggen, kwamen gelukkig niet tegen, die was dat weekend druk bezig met Poker en andere dingen....)
Na Lima verder noordwaarts gereisd via de stad Trujillo naar Mancora voor wat lekkere stranddagen.
Meteen nadat we om 5 uur in de ochtend in Mancora de nachtbus uitstapten kwamen we er helaas achter dat in Janneke´s dagrugzak een vreemde jas zat i.p.v. onze laptop en fotocamera. Kl......., we waren wederom bestolen! Klein traumaatje kwam weer even boven, maar na een flinke baaldag en wederom een rapportje laten opmaken bij het politiebureau hebben we ons snel overheen gezet en ons laten verwennen door zon, zee en strand in een heerlijk hotelletje.
Daarna was het tijd voor Ecuador!!
Eigenlijk hadden we dit land niet op het menu staan maar we hoorden erg leuke verhalen erover en hebben twee weken ingepland om via Ecuador naar Colombia te reizen. We zijn erg verrast door dit prachtig, vriendelijk en ontzettend divers land! Vooral van de mensen zijn we erg gecharmeerd, altijd een vriendelijke "Buenas días" of ontwapenende lach van een kind of passerende oude van dagen. Mensen zijn vriendelijk en behulpzaam zonder meteen iets van je willen. Ecuador is klein in vergelijking met bijvoorbeeld Peru en Bolivia wat maakt dat het makkelijk bereisbaar is. Jungle, Andes, vulkanen, strand: Ecuador heeft het allemaal! Tis een echte "Banana Republic". Tijdens onze busritten passeerden we kilometerslange bananenplantages prachtig gelegen in groene valleien. Ook cacao wordt veel verbouwd wat resulteert in lekkere chocolade.
Als eerste hebben we de koloniale stad Cuenca bezocht waarna we naar de kust zijn gereisd.
Veel mensen bezoeken de Galapagos eilanden vanuit Ecuador met z´n unieke flora en fauna. Onze centjes lieten dat niet toe dus gingen wij een dagje naar Isla de la Plata, ook wel de Poorman´s Galapagos genoemd. Hier kun je wat van dezelfde flora en fauna zien als op de Galapagos zoals de Blue footed boobies, ofwel de Blauwvoetgent. Wat een grappige en unieke zeevogel is dat zeg, met z´n clownsvoetjes. Isla de la Plata is een natuurgebied, helaas wordt de zee hier aardig leeggevist, voor de kust van het eilandje één en al vissersbootjes. Hopelijk bestaat dit unieke eiland over 10 jaar ook nog......
Wij kwamen hier ook voor de Bultrugwalvissen die elk jaar in dit deel van de Pacifische kust komen paren en baren. Mannetjes imponeren de vrouwtjes door in de lucht te springen. Het was het begin van het seizoen dus we waren gewaarschuwd dat we misschien niks zouden zien. Bovendien waren de machos nog rustig (dus nog geen springers). Op de weg terug naar het vaste land hadden we geluk en zagen we tot vier keer toe een paartje zwemmen nadat ze een grote spray water de lucht inspoten!! We zagen zelfs, op een paar meter afstand, een dikke grote staart de lucht in steken die daarna weer de zee in verdween! Schitterend!! Foto´s maken was lastig...helaas.
Ondertussen is natuurlijk ook hier het WK volop begonnen en genieten we tussendoor van de wedstrijden voorzien van passievol Zuid-Amerikaans commentaar. Gooaaaaaaaaaal (lees 1 minuut lang) para Holandaaaaaaaaaaaaaaa!!
Na paar heerlijke dagen aan de kust van Ecuador zijn we, via Quito, naar Latacunga gereisd. Vanuit hier hebben we het schitterende kratermeer van Quilotoa bezocht en de omliggende Andesbergdorpjes. Schattige dorpjes die nog zeer traditioneel zijn. Het leven is hier simpel en hard, mensen kleden zich nog tradioneel. We vielen weer eens met onze neus in de boter doordat het festival Corpus Christi gaande was in het dorpje Zumbahua. Het festival ging gepaard met vruchtenwijn, dansende mensen en stierengevechten. Leuk om te zien!
De vulkaan Cotopaxi hebben we verstek laten vanwege slecht weer en maag en- darmbacteriën die weer eens bedacht hadden om ons een dagje te pesten.
Bijna overal in Zuid-Amerika is de bus dé plek om waar aan te bieden maar Ecuador is toch echt kampioen in zijn aantal busverkopers. Tijdens een busrit wordt er regelmatig gestopt om passagiers op te pikken en dan stappen er ook ventadores in die werkelijk alles verkopen. Echt, je kunt gewoon je boodschappen doen in de bus! Van allerlei soorten zelfgemaakte chipjes tot ijsjes, nootjes, gelatinetoetjes, boekjes, loterijlootjes, Ecuadoriaanse worstebroodjes, koekjes, worstjes, aardappeltjes, met vlees of kaas gevulde broodjes, drankjes, snoepjes, nepdvd´s, krantjes, ja zelfs hangmatten. Op busstations staan er weleens tien verkopers tegelijk luid te roepen in de bus.
Nadat de maagjes weer wat hersteld waren hebben we Quito aangedaan. We hoorden er slechte verhalen over (onveilig) maar wij hebben het prima naar ons zin gehad. Het oude centrum is een van de mooiere die we tot nu toe gezien hebben. Mooie pleinen en nauwe koloniale straatjes.
Ook een bezoek aan de evenaar (Mitad del Mundo) mocht niet ontbreken. Een speciale plek als je je realiseerd dat we vanaf nu pas weer het Noordelijk halfrond in gaan
Na Quito was het tijd voor de markt der markten! Namelijk de markt in Otavalo, een van de grootste in Zuid-Amerika en voor ons de laatste kans om nog eens lekker helemaal los te gaan. En dat hebben we gedaan Het was een schitterende traditionele en vooral grote markt met dieren maar ook schitterende alpaca kleden, dekens en veel prullaria, we wisten soms niet waar we moesten kijken! Prachtige spullen gekocht. Onze tassen puilen lekker uit.
De dag na de markt hebben we Parque Condor bezocht. Een roofvogelrescuecentre net buiten Otavalo. Een unieke mogelijkheid om de Andes Condor van dichtbij te zien. Wat een inmens grote beesten zijn dat. We hadden er al een paar in het wild gezien, maar vanaf een meterof twee zijn ze nog indrukwekkender.
Hallo iedereen!
Momenteel zitten wij een 28-urige busrit van La Paz richting Lima (Peru) uit, terugkijkend op vijf weken reizen door Bolivia. Met nog een aantal uurtjes in de bus te gaan kan er dus zeker wel even tijd gemaakt worden voor een website-update.
De afgelopen twee weken hebben we door het zuiden van Bolivia gereisd. Dit begon met een nachtelijke busrit naar Sucre, de witte koloniale en officiële hoofdstad van Bolivia. De rit zelf was niet bepaald appetijtelijk maar achteraf toch wel weer legendarisch; een klapband hier en daar en veel nachtbrakende (plas)stops op de meest ranzige plees ever, waar je dan echt niet op zit te wachten...of juist wel als je al uren in de bus zit met je overvolle blaas.
Janneke kwam op een gegeven moment geshockt de bus terug in toen zij (waarschijnlijk per ongeluk) een glimp opving van een moeder met een baby die onder in het ruim tussen de bagage haar reis naar Sucre uitzat (Levensgevaarlijk!). Tja, je moet wat als je geen kaartje kunt betalen.
Halverwege, rond een uurtje of 6 's morgens, kwam de bus maar weer eens tot stilstand en maakten we op, na veel onduidelijkheid, dat de weg was afgesloten door de politie en dat we vier uur moesten wachten voordat we er weer door mochten. Reden; een wielerwedstrijd!
Dit konden ze niet menen! Na een paar minuten frustratie en daarna berusten kwamen onze Boliviaanse medepassagiers ineens uitgelaten terug de bus in en begonnen we ineens weer te rijden! Nou ja, om een of andere reden mochten we nu ineens wel erdoor. De chauffeur was óf een goede prater óf hij heeft er geld tegenaan gegooid, maar evengoed konden wij weer door en kwamen we alsnog, weliswaar lekker brak, redelijk op tijd aan in Sucre.
In Sucre hebben we weinig gedaan behalve wat rondgeslenterd in de stad en de diverse restaurantjes rondom het centrale plein bezocht. De volgende dag hebben we de bus gepakt naar het nabij gelegen Tarabuco waar een lokale markt op ons wachtte om onze souvenirvoorraad verder aan te vullen (echt, je blijft hier kopen...!). De buit viel uiteindelijk wat tegen want de prijzen lagen "dankzij" toerisme wat te hoog naar ons zin. Maar we hebben een leuke ochtend hier doorgebracht kijkend bij alle stalletjes en naar de mooie traditioneel geklede mannen en vrouwen die er weer kleurrijk bijliepen.
Op een van de avonden in Sucre hebben we in een kroeg gekeken naar de indrukwekkende documentaire "The devil's miner".
Deze documentaire gaat over een 14-jarige Boliviaanse jongen die dagelijks werkt in de zilvermijnen van Potosí. En laat Potosí nou net onze volgende bestemming zijn waar we dachten zilver te gaan kopen. Nou, na het zien van deze documentaire dachten wij daar geheel anders over en hebben wij onze zilver-koopplannen geheel laten varen (sorry mam..).
Potosí, de hoogste stad ter wereld op 4200 meter, ligt direct naast el Cerro Rico (=de rijke heuvel) waar al bijna 500 jaar lang zilver uit wordt gehaald. De Spanjaarden hebben in deze zilvermijn 8 miljoen (!) Afrikaanse slaven en indianen de dood in gejaagd. Potosí was in de tijd dat de Spanjaarden hier scepter zwaaiden groter dan Londen en Parijs.
Vandaag de dag is Potosí een stad van vergane glorie waar zo'n 7000 straatarme mijnwerkers zichzelf dood werken voor hun 40ste levensjaar door verstofte longen of ongelukken in de mijnen. Mijnen waar praktisch geen zilver meer in zit. Bovendien werken er zo'n 800 tot 1000 kinderen in de mijnen onder zeer erbarmelijke en levensgevaarlijke omstandigheden. Door middel van allerlei rituelen en het offeren van drank, sigaretten en cocabladeren aan Tio (de duivel) proberen de mijnwerkers te overleven in dit afschuwelijke werk. Als er dingen misgaan in de mijn, dan is dit de straf van Tio.......
De toeristische tour naar de mijnen hebben wij maar overgeslagen omdat dit wat smakeloos en bovendien levensgevaarlijk vonden. We hebben het koloniale centrum bezocht en de Cerro Rico vanaf een afstand bekeken. De tragiek van deze stad en de mijnwerkers was voelbaar........
Na Potosí vervolgden we onze reis (met ja, weer een klapband dit keer recht onder Janneke's stoel!) naar Tupiza waar ons lekker warm weer en een lekker comfortabel hotelletje met zwembad wachtte.
In Tupiza hebben we, naast het relaxen, een 5 daagse tour geregeld naar de south-west circuit van Bolivia oftewel de Salar de Uyuni (de grootste zoutvlakte ter wereld) en omgeving. Met een 4x4 jeep met chauffeur en eigen kokkin (een traditionele Cholita) zijn we met z'n vieren (met Paul en Ilse) 5 dagen dit onherbergzame gebied ingetrokken.
Tja en wat je daar ziet, dat is moeilijk uit te leggen! Maar hier toch een poging;
Kale vlaktes met prachtig door mineraalgesteente gekleurde bergen, veel cactussen, groene rivierbeddingen met versierde lama's, wilde vicuna's en ezeltjes, perfect gevormde vulkanen waarvan eentje rokend, schitterende wolkenluchten, natuurlijke thermale baden, moddergeisers die met hun stinkende zwaveldampen borrelen, verschillende bergmeren in prachtige kleuren zoals roze, wit, blauw en groen (gekleurd door mineralen) met in en rondom roze flamingo's, authentieke Andesdorpjes (waar echt niks is..) met prachtige mensen en vooral kinderen en als klap op de vuurpijl: de hagelwitte 12000 vierkante kilometers grote zoutvlakte Salar de Uyuni met z'n aller-prachtigste zonsopgang gevolgd door een knalblauwe lucht!
Nou ja, bekijk de foto's maar want het lukt niet om een impressie op papier te zetten die het omvat. Alsof je droomt...zo mooi!
Op de zoutvlakte is er dus overal zout om je heen tot aan de horizon waardoor er geen diepte te zien is, dit levert hilarische foto's op.
De winter begint in Bolivia en dat hebben we geweten tijdens deze tour, werkelijk nog nooit hebben we het zo koud gehad. De afgelopen winter in Nederland was er niks bij. "s Nachts daalden de temperaturen tot ver onder de -20 graden en de wind gierde als een gek. En dan te bedenken dat de simpele herbergen waar we sliepen niet verwarmd werden. En van isolatiemateriaal hebben ze hier nog nooit gehoord....
Gelukkig deden onze slaapzakjes met daarop een stapel dekens goed hun werk en doken we zodra we ons avondeten achter de kiezen hadden, meteen ons bed in. Onze cholitakokkin noemde ons constant "chicos lindos con helados" ofwel mooie bevroren mensen. Zij zag ons worstelen met de kou....
De derde dag hadden we de beklimming van de vulkaan Licancabur (5950 m) op het programma staan. Dit hebben we afgeblazen omdat het te koud was en het ook nog was gaan sneeuwen, de winter viel onverwachts vroeg in. En om nou om 5.30 's morgens in de ijzige wind in de sneeuw aan deze beklimming te gaan beginnen, leek ons nou niet echt verstandig en bovendien niet leuk. We zouden toch niks zien op de top omdat die in wolken was gehuld. Jammer, maar niks aan te doen.
Na de vijfde dag was het tijd om afscheid te nemen van Paul en Ilse die verder naar Argentinië gingen reizen. Wij hebben de duurste nachtbus van Bolivia gepakt terug naar La Paz. Gelukkig was deze bus stukken beter dan eerdere bussen in dit land . Na een dagje bijkomen in La Paz zitten we dus nu alweer in een nacht- en dagbus naar Lima in Peru. Ja, we pezen even door want we willen nog veel zien in 10 weken. Want zo lang duurt onze reis ongeveer nog...klinkt lang maar is het niet; Noord-Peru, Ecuador, Colombia en Panama staan nog op het menu! Joehoe!
Liefs,
Maarten & Janneke
Hai beste bloglezer!!
Inmiddels is onze reis alweer een flink stuk gevorderd en zijn we sinds een paar weken in Bolivia.
Maarrrrr, laten we beginnen bij het begin oftewel waar we vorige keer waren gebleven.
Na Cusco (Peru) te hebben verlaten zijn we verder gereisd naar Puno aan het meer van Titikaka (grens Bolivia/Peru). Onderweg in de bus maakten we kennis met blokkades en demonstraties in het spuuglelijke stadje Juliaca. De weg lag bezaaid met stenen, heel veel kapot gegooid glas en brandende autobanden. Onze bus slalomde overal zo'n beetje doorheen maar natuurlijk konden we erop wachten dat we een lekke band kregen. Behendig werd de bus opgekrikt en de lekke band vervangen.
Puno deden we aan om hier de beroemde Uros-eilanden te bezoeken zijn op weg naar Bolivia. Deze eilanden zijn volledig van riet en door mensenhanden gemaakt, ofwel door de handen van de Uros-indianen. We besloten de eilanden te bezoeken door middel van een tourtje.
Het was de moeite waard om de eilanden en het leven hierop te zien maar we voelden ons net toeristen in Volendam. Natuurlijk moesten we een rieten huisje van binnen bekijken, de traditionele kledij aantrekken en als klap op de vuurpijl de traditionele handgemaakte, te lelijke, souvenirtjes kopen. Voor dit laatste hebben we vriendelijk bedankt, de volgende toeristengroep zou vast wel iets kopen....
Gelukkig ging de tour verder naar het eiland Taquile, een vast eiland op het schitterende Titikakameer. Dit eiland vonden we wat puurder en authentieker aandoen. Prachtige baaitjes, kinderen met smoezelige smoeltjes, volwassenen in traditionele kledij waarin men op het land werkte. Kortom een rustig, tradioneel eiland met schitterende vergezichten over het meer van Titikaka.
Na Puno zijn we verder gereisd naar de grens van Bolivia waar we vrij gemakkelijk de volgende stempel in ons paspoort haalden en de weg vervolgden naar La Paz.
La Paz is een zeer levendige stad met veel zogenaamde Cholita's; tradioneel geklede Boliviaanse vrouwen. Traditioneel gekleed staat gelijk aan twee zwarte vlechten in het haar met pomponnen onderaan gebonden, een bolhoed op, een grote, dikke, 3 lagige rok die overigens prima werkt als je ineens moet plassen of poepen op straat. Cholita's dragen vaak op de rug een vrolijk gekleurde doek met daarin spullen of een kind.
Fotograferen, daar houden ze over het algemeen niet zo van in Bolivia. De mensen zijn ontzettend bijgelovig en ook vaak ontwetend. Ze denken bijvoorbeeld dat ze ziek worden als ze op de foto staan. Maar, als je iets bij ze koopt dan mag er ineens wel een foto worden gemaakt.
Soms snappen we echt even niks van de Bolivianen. Interessant is dat ook zeker. Zo is er is in La Paz de heksenmarkt waar je je geluk kunt kopen; Talismannen voor een gelukkig (liefdes)leven, voor veel kinderen, voor genoeg geld, een mooi huis, offerwaar om Pachamama (moeder aarde) gunstig te stellen, kruiden voor werkelijk van alles en nog wat, gedroogde alpacafoetussen om onder de eerste steen van je nieuwe huis te leggen voor een gelukkig huishouden, Bolivianen geloven werkelijk overal in, om maar te overleven want het leven is hier hard. Veel mensen laten ook veelal hun medische kwalen "oplossen" door sjamanen en allerlei rituelen uitvoeren om de duivel gunstig te stemmen. Zeer interessant om een deze enorme mix van bijgeloof te zien. Bijgeloof wat veelal gebaseerd is op angst.
Vanuit La Paz hebben we de afgelopen weken wat trips gedaan. Zo zijn we de Amazone ingegaan met een klein vliegtuigje en een aantal nachten doorgebracht in de geweldige ecolodge Chalalan die volledig gerund wordt door een lokale community. Na 6 uur varen op een Amazonerivier kwamen we diep in de jungle aan om hier een paar dagen dieren te spotten. En dat is gelukt: slangen, diverse apensoorten (met baby's), toekans, witte vleermuizen, bijzondere boomkikkers, kaaimannen, capibara's, een tapir, tropische spinnen en veel papagaaisoorten. Janneke ving op een ochtendje vissen (lees: touwtje uitgooien met een haakje eraan) ook nog een Piranha!
En wat een schitterende geluiden hoorde je toch vanuit je bedje in de hut vanonder de klamboe!! We hadden onze eigen gids en die nam ons elke dag weer mee in diepe bos in, ook 's avonds! Een fantastische trip dus!
Volledig opgegeten door zandvliegen en met een tas vol vochtige kleding keerden we terug naar La Paz waar we Paul en Ilse (Maarten z'n neef en zijn vriendin) weer ontmoeten om samen mee verder door Bolivia te reizen.
De volgende trip was naar Copacabana, terug naar het meer van Titikaka. Dat weekend was daar namelijk een festival op stapel; Fiesta de la Cruz. We vielen met ons neus in de boter en hebben daar Zuid-Amerika gezien zoals je het hoopt te gaan zien. Twee dagen lang werden er dag- en nacht parades gehouden met dansende mensen in de meest schitterende kostuums en creaties inclusief geweldige maskers en prachtige rituelen. Dit alles begeleid door trompet- en trommelorkesten. We hebben ervan genoten, het fototoestel draaide overuren. Hier wilden mensen juist gefotografeerd worden, ze bleven gewoon voor je staan totdat je een foto van ze maakte.
Na Fiesta de la Cruz was het tijd voor Isla del Sol, een eiland voor de "kust" van Copacabana. Veel Peruanen en Bolivianen geloven dat de zon hier geboren is. Ook zouden de eerste Inca's hier vandaan komen.
Op Isla del Sol hebben we twee zonnige dagen gewandeld met weer enorm mooie uitzichten op het meer van Titikaka (wat een beetje mediterraans aandoet). De tijd heeft hier zeker 100 jaar stilgestaan. Er zijn geen auto's op het eiland. Mensen leven hier van vee en landbouw veelal voor eigen gebruik. Prachtig om door de kleine dorpjes te wandelen en zo'n ander leven te aanschouwen.
Na Isla del Sol wederom terug naar La Paz om ons voor te bereiden op een driedaagse trekking in de bergen van het dorpje Sorata.
De trekking was prachtig maar zeer zwaar mede vanwege de hoogte. We sliepen twee nachten in een tent bij een bergmeer op 4200 meter hoogte. 's Morgens lag er ijs op de tent.....
De tweede dag bracht de gids ons naar een gletsjermeer op 5200 meter. Helaas haalden alleen Paul en Maarten dit omdat de rest te langzaam liep (hoogte...) om op tijd bij het gletsjermeer en daarna terug bij de "camping" te zijn voor het donker. Maar wat een onwerkelijke uitzichten!
Na de trekking met een vermoeid lijf, opgevouwen in een busje, terug naar La Paz waar we onderweg een klapband kregen in het busje. Autobanden worden hier letterlijk opgereden. Ze zijn pas echt versleten als ze kapot gaan door een klapband. Levensgevaarlijk natuurlijk maar hier de normaalste zaak van de wereld. Slingerend kom je dan tot stilstand en wordt de band rustig vervangen door een band met zo mogelijk nog minder profiel. Ook vannacht in de nachtbus naar Sucre, waar we nu zijn, was er weer zo'n gevalletje klapband. Wij zijn er niet zo dol op, maar het hoort er allemaal bij hier in Bolivia.
Het gaat goed met ons, we maken veel mee en vermaken ons nog steeds erg goed! Ons eigen bedje en een lekker warme eigen douche lonken weleens maar dat komt wel weer........
Liefs,
Maarten en Janneke
Even een verslagje van een fantastisch leuke Incatrail die we net achter de rug hebben.
Rondwandelen door de bergen (lees; jezelf aardig afbeulen) in Zuid-Amerika is een zeer populaire bezigheid die door velen zeer fanatiek wordt uitgevoerd. Trekkings van 6 dagen inclusief primitief kamperen zijn zeker geen uitzondering. Wij behoren echter niet tot deze groep fanatiekelingen en vinden over het algemeen twee dagen wel weer genoeg en willen onze voetjes en rugjes dan weer rust gunnen.
De Inca Trail is 4 dagen (voor ons best een flinke trekking dus), waarvan je dus 3 nachten kampeert. De eerste drie dagen worden de oude Incapaden belopen die leiden naar de Heilige stad van de Inca's; Machu Picchu. Deze stad is een van de grootste en best bewaarde Incasteden, altijd geheim gebleven voor de Spanjaarden. Er woonden alleen koningen, priesters en andere mensen behorend tot de hoogste klasse in het machtige Inca rijk. Samen met de dramatische ligging in de bergen maakt dit geheel het tot een van de 7 wereldwonderen.
De Incatrail moet georganiseerd worden gelopen ter bescherming van de paden. Het gaat gepaard met checkpoints en paspoortcontroles. Door de dramatische landslides afgelopen januari is alles pas net weer open en is er een beperking op het aantal bezoekers op de Incatrail zelf en bij Machu Picchu. Das niet verkeerd voor ons natuurlijk.
Woensdagochtend werden we vroeg opgehaald in het hostel, waar we naar het begin van de trail werden gebracht na een goed ontbijt. Onze groep bestond uit 16 deelnemers; Ieren, Engelsen, Amerikanen en wij, 4 Nederlanders. Tevens waren er 2 gidsen, een kok en 19 porters (!) om alle spullen te dragen zoals tenten, krukjes, borden, bestek, gasflessen, kookgerei en eten. Sommigen huurden ook een porter voor het dragen van de persoonlijke spullen. Wij, Bikkels, natuurlijk niet. Wij droegen zelf onze mat, slaapzakken en persoonlijke benodigdheden. Zodoende begonnen we aan de tocht van 4 dagen met 10 kilo op onze ruggen, op weg naar Machu Picchu.
De eerste dag begon vrij gemakkelijk en was alles vrij vlak, tussendoor een lekkere 2-gangen lunch waarbij we meteen aangenaam verrast werden door de kookkunsten van de kok. Een prachtige eettent stond klaar, teiltjes schoon water met zeep om de handjes te wassen. Volledig verzorgd; welkom in deze wandelcruise!
Na een kilometer of 10 lopen door prachtige groene omgevingen met besneeuwde bergtoppen kwamen we aan bij de camping waar we werden opgewacht door applaudisserende, vrolijk lachende porters die onze tenten al keurig hadden opgezet. Lekker aanschuiven voor het verrukkelijke avondeten; Soepje, rijst met vlees en groenten, pasta en muntthee na.
De volgende ochtend om half 6 op voor de schijnbaar moeilijkste dag; Dead womens pass over (de naam refereert aan de vorm van een vrouw vanaf de zijkant gezien), een bergpas waarbij er 1200 meter gestegen wordt tot 4200 meter. Pittig!! Zeker omdat we al eerder deze week in de Colca Canyon al 1200 meter beklommen hadden. Maarten en Paul liepen vrij makkelijk de berg op. Janneke was iets meer aan het ploeteren met 10 kilo bepakking op, maar redde het uiteindelijk ook, samen met Ilse. De Gatoradedrankjes hadden hun werk goed gedaan. Onder luid applaus van de mensen met een betere conditie werden we binnengehaald bovenop de top!
Daarna een afdaling die de knietjes deden trillen maar waarna vrij vlot de camping werd bereikt met wederom een warm applaus van de vrolijk lachende, sommige 1-tandige, porters die natuurlijk ons allang voorbij gerend waren tijdens de tocht. Weer 12 kilometer meer in de benen.
Nachtje twee in de tent was wat kouder omdat het hoger lag (3800 meter). Prachtige sterrenhemel en vuurvliegjes bij nachtelijke toiletbezoeken om je te vergezellen.
Tussendoor passeerden we overdag al diverse Incasites waarbij we een goede uitleg kregen van de gids en ondertussen even lekker konden uitblazen. Prachtig mysterieus gelegen in de bergen als voorproefje op Machu Picchu.
Dag 3 wederom rond om een uur of 6 op. Deze dag ging gepaard met veel mist, wat regen en een paar minder heftige klimmetjes. Blij dat je dan goede spullen bij je hebt met vochtig weer. Jammer van de uitzichten want deze waren spectaculair als de mist even optrok. Ook weer een paar zeer mooie Inca sites, gelegen in de zachte mist en inmiddels omringd door jungle.
En toen dag 4; dé dag van de trip. Om kwart voor 4 moest er worden opgestaan waarna we na een kort pannekoekenontbijt zeer vroeg vertrokken naar het checkpoint waarna je aan de laatste kilometers begint naar Macchu Picchu waar iedereen als eerste wil zijn. Wij waren als eerste maar helaas was het weer niet al te best en liepen we in de stromende regen, in het donker met de hoofdlampjes op richting een uitzichtpunt op Machu Picchu die waarschijnlijk niet te zien was. Beetje baalgevoel heb je dan wel, zeker als je je onderbroek steeds natter voelt druppelen vanaf je 10 kilo wegende tas.........Maar goed, de hoop niet opgegeven want dit kan toch niet zo zijn!
Inderdaad geen Machu Picchu te zien vanaf het uitzichtpunt dus maar verder gelopen naar Macchu Picchu zelf waar we volledig doorweekt aankwamen en ongeveer niks te zien was door een dikke laag mist en regen. Afijn, maar even wat eten en de handfohn bij de wc's uitbuiten om nog iets te drogen en om te kleden. Bah, alles nat, goor en stinkend.
Na een uurtje werd het echter droog en toen we terug het park inliepen trok de mist vrij snel op en kwam de zon door! Deze optrekkende mist en de doorkomende zon onthulde als een cadeautje Machu Picchu als iets heel bijzonders wat we nog nooit eerder zo hadden gezien!! Wat een fantastische beloning na vier dagen vroeg op, door de bergen lopen en afwachten wat je zou gaan aantreffen en toch ook wel de deceptie van die ochtend.
We hebben die middag nog een ander klein bergje beklommen als goedmaker voor het uitzicht op Machu Picchu en hebben een geweldige dag beleefd die we hebben afgesloten met de warm water baden in het dorpje vlakbij en een lekkere pizza met bier (en een vers sapje)!!
Op de zachte zoetsappige klanken van Chris de Burgh, Elton John, the Eagles en Glen Maderos vielen we moe en voldaan in slaap in de comfortabele bus terug naar Cusco........
Tot later, waarschijnlijk vanuit Bolivia!
Liefs Maarten en Janneke
Ola, iedereen in het verre Nederland (en Zuid-Afrika)!
Alweer enkele weken geleden deden wij ons laatste verslag vanuit Noord-Argentinië. De laatste weken hebben we weinig tijd genomen en gehad om jullie up-to-date te houden van ons laatste avonturen dus ga er maar weer goed voor zitten want dit verslag wordt lekker lang. Een normale vakantie duurt gemiddeld een week of drie, nou dit verslag beslaat zeker een week of vier. En in vier weken maak je veel mee in Zuid-Amerika.
We waren gebleven bij Cafayate, het leukste dorpje van Argentinië als je het ons vraagt. Een rustig en prachtig koloniaal dorpje waar de eerste tekenen van Inca-invloeden zichtbaar worden. Mensen zijn hier donkerder, rustiger en meer getekend. Heerlijk om weer over zo'n prachtig groen dorpsplein te lopen waar mensen op een bankje zitten te slapen te midden tussen de vrolijk gekleurde koloniale pandjes en de mooie gele kerk.
We sliepen hier in een gerenoveerde comfortabele posada omdat er bij Janneke een verkoudheid dwars zat en we het bed in de camper even helemaal beu waren.
Cafayate staat bekend om zijn witte Torronteswijnen. Het dorp ligt prachtig omgeven door wijngaarden en bergen. In en om het dorp zijn verschillende Bodega's (wijnboerderijen) te bezoeken wat we natuurlijk ook gedaan hebben. De oogst was net bezig dus mochten wij meteen meekijken hoe de vrachtwagens hun ladingen druiven in grote maalbakken kiepten. Net buiten het dorp lag Bodega "Las Nubes", nou exclusiever kun je het bijna niet hebben; een mooi landhuis met daarnaast de wijnfabriek waar mensen hard aan het werk waren om alle druiven te verwerken. Een proeverij gedaan, heerlijk gegeten daar en genoten van het uitzicht wat uit keek over bergen, wijngaartjes, Cafayate zelf, fruitbomen, bloemen kortom een (letterlijk) heerlijk paradijsje.
Na Cafayate zijn we over een zeer mooie route door de provincie Salta getoerd richting de Andesdorpen Purmamarca, Tilcara en Huamauaca bijna tot aan de Boliviaanse grens. Wederom leuke dorpjes met indianenbevolking; een groot verschil met de rest van Argentinië wat dan ineens toch eigenlijk heel modern is.
In Purmamarca hebben we gekampeerd onderaan de berg met de 7 kleuren (Cerro de los siete colores). Deze heuvels hebben, je raadt het al, allerlei mooie kleuren gevormd door mineralen. Wederom veeeeeel cactussen in dit gortdroge maar prachtige landschap.
Na deze trip zijn we teruggereden naar Salta waar we nog een paar nachtjes hebben door gebracht in het dorp San Lorenzo in Bed & Breakfast ‘"Casa Hernandez" gerund door het superhartelijke Nederlandse stel Alex en Rijkje. Zij voorzagen ons o.a. van de goede tip; ga naar spa "House of Jasmine", wij regelen een fikse korting voor jullie. Ja, dat sloegen we niet af. Want ja, als je pas geleden bestolen bent, dan mag je je natuurlijk een beetje laten verwennen en dat blijft gewoon een mooi excuus!
House of Jasmine hield in; een sauna, Turks stoombad, full body massage en voor Janneke nog een pedicure met een nieuw lakkie op de teennagels. Dit alles in een exclusieve omgeving van groen en serene rust; als herboren reden we terug naar Casa Hernandez (een absolute aanrader als je in Salta komt! Zie: http://www.lacasahernandez.com.ar/dutch/houseN.htm)
Het weekend hebben we vervolgens doorgebracht in de stad Salta, waar we onze camper hebben ingeleverd en genoten hebben van de stad. Jammer dat we dan wel weer kakkerlak vriendjes op de kamer hadden in het hostel......die hadden we niet in de camper!
Salta is een relaxte koloniale stad met de mooiste kerk die we ooit hebben gezien; roze met wit! De heilige week voor Pasen brak dat weekend aan dus pikten we nog wat processies mee; indrukwekkend!
Na Salta zijn we verder gereisd naar het noorden van Chili met bestemming de Atacamawoestijn; de droogste plek op aarde. De busrit duurde een hele dag en bracht ons over passen van rond de 5000 meter (ter vergelijking: topje van de Mont Blanc ligt op 4880m). Deze busrit wordt beschouwd als een van de mooiste van Zuid-Amerika en daar stemmen wij mee in. De grensovergang op 4800 meter verliep vlotjes. Je hartje gaat alleen enorm tekeer door het wennen aan de hoogte, hij moet veel harder pompen om het weinige zuurstof uit de lucht je lichaam door te pompen.
San Pedro de Atacama viel ons tegen; we hadden er veel over gehoord maar vonden het dorp enorm toeristisch en schreeuwend duur! 5 eurootjes voor een glaasje verse jus is geen uitzondering. De plezier om excursies te gaan doen verdween hierdoor al snel want we hadden geen zin om zoveel geld te spenderen aan een omgeving die we straks in Bolivia ook kunnen gaan zien. We hebben een keuze gemaakt voor het bezoeken van de Tatiogeisers en hebben de lagunes met flamingo's en andere bezienswaardigheden (weet geeneens meer precies welke) even gelaten voor wat het is.
Tatiogeisers bezoeken betekent om half 4 (!) 's morgens je bed uit, 4 uur worden opgehaald door je touroperator, 3 uur over een hobbelige woestijnweg rijden in het donker en vervolgens om 7-8 uur de geisers in vol ornaat actief zien. Wij versliepen ons natuurlijk en schrokken wakker toen we een busje hoorden stoppen voor de deur van het hostal en vervolgens de deurbel! AAaaaaah we hadden ons vergist in de tijd met Argentinië en Chili (die wel aan wintertijd doet) en op ons horloge was het nog maar 3 uur ‘s morgens. Vliegensvlug aangekleed en met een volle blaas dat buske in rijdend op een bumbie onverharde weg om vervolgens pas 3 uur later te kunnen plassen bij de ingang van het park......
Bij de geisers vroor het een graad of 5, dus dikke jassen aan en bibberend tussen de geisers gewandeld. Na een uurtje kwam de zon tussen de vulkanen op en was het tijd voor een duik in het bijbehorende thermale buitenbad. Heerlijk hoor, 35 graden na dat gebibber.
Na Atacama was het tijd voor een volgend avontuur en we waren eraan toe: Peru!!
Met een nachtbus door naar Arica, in het uiterste noorden van Chili. Uit de nachtbus zijn we het strand op gerold om de rest van de dag te vullen en vervolgens de volgende dag, met verbrande lijfjes, per bus weer verder naar de grens met Peru wat allemaal zeer vlotjes verliep. Net over de grens overgestapt op weer een ander busje en verder Peru in. Joehoe, op naar Arequipa! Het was net of we op vakantie gingen. Haha.
Arequipa voelde aan als een rijke stad, het echte Peru was hier nog maar mondjesmaat te zien. Wel allemaal chaotischer dan Argentinië en Chili en herkenbare dingen die je in ontwikkelingslanden ziet; straatverkopertjes, schoenpoetsertjes, opdringerige taxichauffeurs, meer troep op straat, piesluchtjes, een geweldige centrale markt en hard roepen om je waar te kunnen verkopen. Ook in de bussen wordt hier van alles aangeboden als je reist; maïs met kaas (choclo, choclo, choclo!!), vlees (asado, asado, asado!), drinken (gaseosas!), uitgebakken spek, nootjes enzovoorts. Je hoeft dus niet te verhongeren en verdorsten onderweg. Een verschil met Chili en Argentinië waar je dit veel minder ziet en we flink inkopen moesten doen als we lang in de bus zaten.
Arequipa is de twee na grootste stad van Peru, maar het oude centrum is klein en gezellig. Een prachtige Plaza de Armes (het centrale plein met de kathedraal wat in elke grote stad zo heet), schijnbaar een van de grootste van Zuid-Amerika. Verder heerlijke straatjes om door heen te slenteren en een schitterend oud klooster wat is omgebouwd tot een groot museum met schitterende pittoreske plekjes.
In Arequipa hebben we Pasen doorgebracht en voorbereid op wandelen door de Colca Canyon, een van de diepste kloven te wereld (2 keer zo diep als de Grand Canyon) waar het stikt van de Andescondors, de grootste vogel ter wereld.
Na een paar dagen zijn we naar de canyon afgereisd en maakten we nu echt kennis met de bolhoedjes, rokken en zwarte lange vlechten. Onderweg veel alpaca's en we reden door schattige Andesdorpjes met veel traditioneel geklede locals. Ook de bus zat propvol locals, we moesten even wennen aan de geur van deze Peruanen.........
Samen met een Nederlands meisje, een Belg en twee Spanjaarden hebben we 2 dagen gewandeld door de canyon wat vooral de laatste dag echt zo LOODzwaar was! Urenlang stijgen (1200 meter loodrecht omhoog) op de laatste dag om weer terug te komen bij het basisdorp, Cabanaconde. Superrrrr grensverleggend en een goede voorbereiding op de Incatrail die overmorgen begint. Pas op het einde van dag twee zagen we drie schitterend grote condors langs vliegen terwijl we uitgeput zaten uit te hijgen op de steile berg, vervolgens vloog er één terug superdichtbij wat zo indrukwekkend is om te zien!! Echt een kippenvel momentje. Het gaf meteen power om weer door te gaan met bikkelen de berg op omdat we ons ineens weer even realiseerden wat we aan het doen waren!
Na de Colca Canyon zijn we eergisteren aangekomen in Cusco, het heilige centrum van de Inca's in Zuid-Amerika!
Hier ontmoeten we Paul en Ilse (de neef van Maarten) waar we woensdag beginnen aan de 4- daagse Incatrail die eindigt op de laatste dag bij Machu Picchu!!
Cusco zelf is verrassend leuk, toeristisch (goed opletten op je spullen!) maar een zeer mooi en gezellig stadje.
Gisteren was Maarten jarig! 's Morgens met z'n vieren vroeg een bus gepakt naar Pisac (uurtje rijden van Cusco) om de lokale zondagmarkt te bezoeken. Lekker wat souvenirs gescoord en prachtige plaatjes geschoten. We waren er vroeg dus de toeristenstroom hebben we kunnen omzeilen. Erg leuke markt. 's Avonds een restaurantje ingedoken, we hadden wel zin in een curry. Bleek het restaurantje dat we hadden uitgezocht alleen vegetarisch eten te hebben en geen alcoholische dranken. Vegetarisch eten is best lekker, maar we hadden toch wel zin in een stuk vlees en een biertje. Het was ten slotte Maarten zijn verjaardag!! Een paar straatjes verderop vonden we lekkere Mojito's, Alpacateriyaki en Thaise curry. Erg lekker en gezellig. De laatste dagen hebben we sowieso zeer gevarieerd en lekker gegeten in Peru; Marokkaans, Mexicaans en Thais dus! Lekkere afwisseling op de aardappelen, mais en alpacavlees, hahaha.
De komende dagen gaan we lekker chillen in Cusco samen met Paul en Ilse. Woensdag start de Incatrail en gaan we Machu Picchu zien, geweldig vooruitzicht!!
Lieve mensen,
Allereerst:
Iedereen erg bedankt voor jullie enorm lieve mailtjes en berichten! Dit heeft ons erg goed gedaan.
Ga d'r maar eens lekker voor zitten want hier komt weer een reisverslag van ons uit Argentinië met gelukkig een andere strekking dan het vorige bericht.
Na de verschrikkelijke ervaringen in Bariloche zijn we toch onze reis gaan vervolgen in ons campertje. Dit begon met de route langs de zeven meren (Ruta de los siete lagos) richting San Martin de los Andes. Deze prachtige, 110 km onverharde, weg bracht ons langs prachtige bergmeren in alle bijgehorende kleuren; azuurblauw, groen en staalblauw. Elk meer had schitterende uitzichtpunten, en de camping, waar we hebben overnacht en een beetje bijgetankt, lag ook prachtig aan een van de meren. In Europa worden deze prachtige meren meteen uitgemolken met campings e.d. maar in dit gebied totaal niet. Slechts enkele baaitjes worden benut met wat vissen of kleinschalige watersport maar verder......alleen maar natuur omgeven door de toppen van de Andes!!!
Over deze weg hebben we 2 dagen gedaan waarna we in San Martin de los Andes uitkwamen. Een leuk vriendelijk bergdorp, ook weer gelegen aan een van de meren. Hier wilden we onze outdoorspulletjes een beetje aanvullen (slaapzak enzo) maar helaas was het zondag dus alles was dicht. Zondagen zijn in Zuid-Amerika heilig, dus hoe toeristisch ook; alles is en blijft de hele dag dicht.
Na San Martin de los Andes zijn we verder noordelijk gereden wat betekent dat we in meer woestijnachtig gebied kwamen in combinatie met bergen. Kilometers lange rechte wegen met soms urenlang geen tegenliggers op een enkele trucker na. Je zou denken dat dit saai is, maar niets is minder waar. Het landschap blijft boeien mede omdat die prachtige Andes elke keer weer opdoemt met z'n besneeuwde bergtoppen. De ene keer rijdt je over schitterende hoogvlakten, dan weer langs een bergrivier met oase of slingerend door de bergen. Het benzinemetertje moet goed in de gaten worden gehouden want tanken kan soms gewoon echt niet de komende 400 km. Gelukkig hebben we nog een gevulde reserve-jerrycan bij ons hoor! Ook zijn we onderweg erg geboeid door de vele dieren die proberen over te steken of voor je langs vliegen. Een greep uit het assortiment; vosjes, vogelspinnen, enorme kevers, slangen, wilde paarden en ezels, koeien, guanacu's (lamasoort), mara's (een schattige kruising tussen een konijn en een kangaroe), een soort gekke loopvogels, condors (2 tot nu toe) en gieren.
Helaas ook veel kadavers direct langs de weg, meestal al half vergaan; koeien, kalven, honden ( zonder kop, bah!) en paarden.
Er liggen zoveel dode dieren aan de kant van de weg omdat de dieren 's nachts de warmte van de weg opzoeken en op de weg gaan liggen slapen. Een goede reden voor ons om alleen met daglicht te rijden. Een koe op de voorruit wis je niet even weg met het ruitenwissertje.
In het woestijngebied gaven de kadavers in de berm soms een extra dimensie. Een stel botten met daar achter een kale vlakte tot aan de horizon deed ons denken aan Lucky Luke.
Jammer genoeg voelden we ons de eerste week na het gedoe in Bariloche niet altijd in opperbeste stemming en hebben we gemerkt welke impact het op ons heeft gehad. Je geniet wel maar veel dingen gingen ook langs ons heen omdat we best een beetje down waren. Over het genieten hing een zwarte schaduw omdat je bijna al je eigen spulletjes kwijt bent en dat soms best een handicap is. Ook voelde de camper soms als een blok aan het been want even samen boodschappen doen; No Way! Een van ons blijft erin wachten en die ander gaat alleen. Een stadje in; euhm wat te doen met de camper, waar is hij veilig....? Geen relaxed gevoel.
Afijn, een weekendje in Mendoza met Ester en Jeroen kwam voor ons als een geschenk uit de hemel en was precies wat we even nodig hadden. Zij zijn speciaal voor ons "even" 15 uur heen en terug gaan bussen vanuit Buenos Aires om ons te vergezellen in Mendoza.
We verbleven in een heerlijk rustig en comfortabel hotelletje waar de camper geparkeerd werd achter slot en grendel en we die even konden laten voor wat het is. Mendoza staat bekend om zijn goede wijn en authentieke Bodega's (wijnboerderijen met kelders). We hebben dan ook heerlijk gefietst tussen de wijn- en olijfgaarden en diverse proeverijen gedaan. De volgende dag zijn we gaan raften op de Rio Mendoza, een erg leuke ervaring!!! Zie foto's.
Mendoza zelf heeft mooie gebouwen, een leuke sfeer, terrasjes en fijne restaurantjes. Tevens hebben we hier een groot deel van onze spullen bij elkaar kunnen shoppen zoals nieuwe backpacks die best o.k. zijn.
Na een weekend opladen in Mendoza hadden we de reisspirit weer echt teruggevonden, en zijn we weer in de camper gestapt en verder gereden noordwaarts de wijngaarden achter ons latend. Onderweg hebben we gigantische cactussen gezien, gaaf!! Dit ontbrak nog in de scenery.
Op naar een nationaal park beter bekend als " Valle de la Luna" (de maanvallei).
Onderweg hebben we nog het bedevaartsdorpje Difunta Correa bezocht wat midden in woestijngebied ligt. Difunta Correa was een gewone Argentijnse vrouw die overal in Argentinië aanbeden wordt langs de kant van de weg. Het verhaal gaat, kort gezegd, dat zij begin 1900 met haar babyzoon haar man achterna ging die moest vechten in een oorlog. Ze kwam om van honger en dorst en werd gevonden door voorbijgangers langs de kant van de weg terwijl haar zoon lag te voeden aan haar borst en nog leefde. Zij heeft mede daarom wonderbaarlijke krachten en veel Argentijnen bedanken haar in het bedevaartoord met veel kaarsen, cadeau's (flessen water) en foto's van alles waar men haar dankbaar om is. Bomvol met foto's hing het er (auto, huis, kind, sportprijs enz). Een enorme poppenkast natuurlijk maar heel apart om te zien, inclusief de kitsche souvenirshopjes erom heen natuurlijk.
Daarna naar Valle de la Luna. De naam zegt het al een beetje; een park wat lijkt op een maanlandschap en zeer aparte mineraalgesteenten heeft in diverse surreële vormen (zoals perfect ronde ballen bijvoorbeeld en een rots in de vorm van een schip of champignon) door water en wind ontstaan. Erg mooi! We mochten zelf in de camper in het park rijden in colonne met meerdere auto's en een gids. Zeer apart landschap, nooit eerder zoiets gezien.
Vandaag zijn we aangekomen in Cafayate, een schitterend koloniaal pittoresk plaatsje waar we weer even gaan relaxen, nog wat meer wijntjes proeven en watervallen bezoeken. Hier beginnen de inca-invloeden duidelijk meer terrein te winnen. Mensen zijn hier donkerder en hebben indianenbloed, prachtige gezichten hebben ze. Vooral de oudere mensen.
Komende week rijden we rustig aan verder naar het noorden om eind maart te eindigen in de prachtige koloniale stad Salta. We hebben dan zo'n 5000 km gereden. We kamperen dus nog even verder, op campings die overigens best wel o.k. zijn. De een beter dan de ander maar een warme douche en een Parilla (Argentijnse bbq) zijn er praktisch altijd. 's Avonds dus regelmatig vuurtjes stoken om aardappeltjes te poffen en een stukje vlees te bakken. En Maarten is dan in z'n nopjes!
Hoe noordelijker we komen, hoe warmer het is. Momenteel zweten we echt de pan uit, ook 's nachts. Tevens hebben we hier en daar nogal eens een muggenbultje maar rescuecream doet wonderen!
Hopelijk voor jullie in Nederland ook snel lekker lenteweer!
Veel liefs,
Laat je e-mail achter en ik stuur je een mailtje als ik een nieuw verhaal of nieuwe foto's op de site heb gezet.